Vroegere stelsel: arbeiders

Vroeger stelsel arbeiders
Dit betreft de arbeiders die hun ontslag kregen vóór 1 januari 2014
Voor werknemers bij wie het ontslag werd betekend vóór die datum is het vroegere stelsel van toepassing. Daarbij is het onderscheid tussen arbeiders en bedienden nog wel belangrijk. Hierna de afspraken voor de arbeiders.

Duur opzegtermijn

Tabel: Minimale opzegtermijnen in geval van ontslag
Anciënniteit van de werknemer Oud systeem (contracten voor 1 januari 2012) Nieuw systeem (contracten na 1 januari 2012)
Minder dan 6 maanden 28 dagen, mogelijkheid terug te brengen tot 7 dagen via een clausule in de arbeidsovereenkomst 28 dagen, mogelijkheid terug te brengen tot 7 dagen via een clausule in de arbeidsovereenkomst.
6 maanden tot minder dan 5 jaar 35 dagen 40 dagen
5 jaar tot minder dan 10 jaar 42 dagen 48 dagen
10 jaar tot minder dan 15 jaar 56 dagen 64 dagen
15 jaar tot minder dan 20 jaar 84 dagen 97 dagen
20 jaar en meer 112 dagen 129 dagen

Als je zelf ontslag indient, bedraagt de maximale opzegtermijn 14 dagen. De opzegtermijn bedraagt 28 dagen bij minstens 20 jaar anciënniteit. Als in de arbeidsovereenkomst gebruik is gemaakt van de mogelijkheid om de opzegtermijn gedurende de eerste 6 maanden anciënniteit te verminderen, is de opzegtermijn die je als arbeider moet naleven wanneer je zelf het ontslag indient gelijk aan de helft van de overeengekomen opzegtermijn in geval van ontslag door de werkgever. 
Zowel de door de werkgever als de door de arbeider betekende opzegtermijn loopt vanaf de maandag die volgt op de week waarin ze werd betekend. Van die regel kan worden afgeweken voor arbeiders met minder dan 6 maanden anciënniteit. Op sectorniveau kunnen ook andere regels worden afgesproken.

Ontslaguitkering

In het kader van de toenadering tussen arbeiders en bedienden voorziet de wet in een ontslaguitkering ten laste van de RVA. Als je de nieuwe opzegtermijnen geniet (arbeidsovereenkomst arbeider aangevat vanaf 1.01.2012), bedraagt het bedrag van de uitkering 1250 euro. Zo niet, dan hangt het bedrag af van de anciënniteit. 
Anciënniteit Bedrag (euro)
< 5 jaar 1.250
5 tot 9 jaar 2.500
10 jaar of meer 3.750

Deze bedragen zijn van toepassing op werknemers die voltijds werken. Indien de werknemer deeltijds is tewerkgesteld, nemen ze proportioneel af.
Deze uitkering wordt toegekend aan arbeiders, maar ook aan dienstboden en aan werknemers die tewerkgesteld zijn binnen het stelsel van de dienstencheques, en die ontslagen worden met opzeg of uitkering. De uitkering wordt dus niet toegekend wanneer de werknemer ontslagen is om een ernstige reden, en evenmin wanneer de arbeidsovereenkomst beëindigd wordt om een andere reden dan ontslag door de werkgever (ontslag ingediend door de werknemer zelf, onderlinge overeenstemming, einde van een arbeidsovereenkomst van bepaalde duur enz.).
De uitkering wordt niet toegekend:  
  • als je in je proefperiode zit of minder dan 6 maanden anciënniteit hebt;
  • als je wordt ontslagen omdat je  op pensioen of SWT gaat;
  • als je een inschakelingsvergoeding hebt genoten die is terugbetaald aan de werkgever 
  • als je de vergoeding al gekregen hebt ingevolge een ontslag bij dezelfde werkgever tijdens hetzelfde kalenderjaar.
De ontslaguitkering wordt betaald door de uitbetalingsinstellingen van de werkloosheidsvergoeding. Ze wordt niet belast en kan gecombineerd worden met de werkloosheidsuitkering.

Meer info voor leden

Raadpleeg de fiches van de Wegwijzer sociale wetgeving van het ACV. Dit is editie 2014. Over dit onderwerp kan je volgende fiche(s) als pdf-bestand downloaden (inloggen):     

Workshops


Volg een workshop die je sterker maakt tijdens je loopbaan. Schrijf je in via je loopbaan.be.