Het tomorrowland van gewone mensen ziet er minder goed uit

De regering legt voor snel politiek gewin met een totaal ongeloofwaardig budget een enorme hypotheek op het welzijn van de komende generaties. Geen mens gelooft dat de hervorming van de vennootschapsbelasting budgettair neutraal is. Zelfs regeringsleden laten dat doorschemeren. En door almaar meer loon aan normale sociale bijdragen te onttrekken, graaft men ook een diepe put voor de sociale zekerheid. Dit naast de krater die de tax shift al heeft geslagen. De kans dat gewone mensen hiervoor opnieuw opdraaien is zeer waarschijnlijk. Om dit budgettair wanbeleid af te kopen, moet Europa bovendien gefleemd worden met ‘structurele hervormingen’. Opnieuw op de rug van gewone mensen. De omgekeerde herverdeling van deze regering gaat gewoon verder. Een akkoord uit zomerse lichtzinnigheid dat door verkeerde beleidskeuzes een koude sociale winter aankondigt.
De regering viert de budgettaire teugels. Dat is waar vakbonden altijd voor gepleit hebben: bespaar niet kapot, maar investeer in groei en werkgelegenheid. De drie liberale partijen in de regering hebben dat nu ook door, so far so good. Maar ze nemen tegelijk een loopje met dit voortschrijdend inzicht. Het geld dat vrijkomt door eindelijk begrotingsfetisjen te verlaten wordt totaal verkeerd ingezet. Het wordt niet gebruikt  om te investeren in de echte economie. Het  dient vooral om het wanbeleid inzake fiscale ontvangsten toe te dekken  Maar vroeg of laat moet iemand die rekening toch betalen.  

Sociaaleconomische maatregelen

Sociaaleconomisch kon de schade wat ingeperkt worden. Nieuwe, zware aanvallen op de uitkeringen voor werklozen, zieken en gehandicapten bleven uit. De afschaffing van de eenheid van het loopbaan wordt omgebogen. De halvering van de inkomensgarantie-uitkering voor onvrijwillig deeltijdsen wordt  ingetrokken. Voor werklozen met inschakelingsuitkeringen die veraf staan van de arbeidsmarkt komt er twee jaar meer respijt, in afwachting van een structurele oplossing.  
Er zijn nog enkele positieve nieuwe punten. Zoals de mystery calls tegen discriminatie, weliswaar overdreven sterk geconditioneerd wat de efficiëntie niet bevordert. Wat extra geld voor sociale akkoorden in non-profit en federale overheid. De terugbetaling van consultaties bij een psycholoog. De gelijkstelling van deeltijdse mantelzorg voor het pensioen. Hogere sociale bijstand. Weliswaar voor amper 80 miljoen, dat is ongeveer 2% van het budget voor de bijstandsuitkeringen. Daarmee blijft men  ver onder het regeerakkoord dat de minima in bijstand én sociale zekerheid wil optillen tot de Europese armoedenorm.
Maar daar tegenover staat ook veel  lelijks. Zo krijgen werklozen en SWT’ers een lager pensioen door gehak in de gelijkstellingen. En de goednieuwsshow van de regering camoufleert dat er nog een hele reeks besparingen komen op het vlak van werk, sociale zaken, gezondheidszorg en pensioen. Die besparingsfactuur, voor 737,4 miljoen euro, wordt pas later bezorgd. Na de zomer. 
Aartslelijk is ook de nieuwe laag van donkerblauwe flexibilisering op maat van werkgevers met steeds toenemend onwerkbaar werk. Nacht- en zondagarbeid in de e-commerce. Uitzendarbeid in alle sectoren. Flexi-jobs in detailhandel en distributie. Kortere opzegtermijnen in de eerste 4 maanden. Zondagarbeid voor minderjarigen. Verdere uitholling van notie passende dienstbetrekking. Vaste benoeming in openbare sector wordt uitzondering i.p.v. regel, overigens absoluut ongrondwettelijk. De verkorte opzeg bij ontslag van bouwvakkers blijft op tafel liggen. Waarom zouden werkgevers nog investeren in sociaal overleg? Ze weten vooraf dat ze door de regering op hun wenken worden bediend.  
Anders maar even lelijk, is de regeringskeuze om de financiering van sociale zekerheid en collectieve diensten verder droog te leggen. Meer flexi-jobs zonder enige belasting en met slechts 25% sociale bijdrage. 6.000 euro per jaar bijverdienen in vrijetijdsfuncties, diensten aan particulieren of in de deeleconomie zonder bijdrage of belasting. Bovenop de 5.000 euro via de deeleconomie (aan 10%). Dat is samen 11.000 euro met 0 sociale bijdrage en 4,5% belasting. Een winstdeling aan 7% belasting en slechts 13,07% sociale bijdrage. Met weldra ook het cashen van bedrijfswagens. Dit alles slaat enorme gaten in de financiering van pensioenen, ziekteverzekering, werkloosheidsverzekering. Waarna de perfide blauwe redenering volgt dat er bijkomend moet bespaard worden.

Fiscale maatregelen

Ondanks de zware maatschappelijk druk zet de regering slechts schamele stapjes in de richting van rechtvaardige fiscaliteit. De uitbreiding van meerwaardebelasting op obligatiefondsen. Het beperken van ontsporingen via vervennootschappelijking. De abonnementstaks op effectenrekeningen. Maar problematisch is dat de fiscus geen tools heeft om te controleren of een belastingplichtige werkelijk de som maakt van zijn verschillende effectenrekeningen. En het valt te vrezen dat deze taks geen  stand houdt voor het Grondwettelijk Hof. Het speculatietaks scenario is dus reëel: opgevoerd als een opstap naar meer fiscale fair play, maar uiteindelijk een slag in het water. 
Dit wordt zwaar overschaduwd door de kaduke hervorming van de vennootschapsbelasting. Het is al positief dat de regering voorlopig geen rekening houdt met wankele terugverdieneffecten.  Maar dan blijft de dubbele vaststelling dat een deel van de compensaties vanaf 2018 one shot-maatregelen zijn zoals het stimuleren van voorafbetalingen, een tijdelijke maatregel voor vrijgestelde reserves, ….  Bovendien heeft de Minister van Financiën geen geloofwaardigheid inzake de raming van eventuele opbrengsten. Een voorkeurregeling voor kmo’s is trouwens absolute economische nonsens, omdat het de doorgroei van ondernemingen fnuikt en leidt tot kunstmatige fiscale constructies.    
Ander slecht nieuws is er voor de kleine spaarder. De vrijstellingsdrempel op spaarboekjes verlaagt naar 940 euro. Als de rente stijgt, zal deze maatregel die groep midscheeps treffen. Bij een terugkeer naar een spaarrente van bijvoorbeeld 2,5%  procent (een 0,5% boven de inflatienorm) zal een spaarder roerende voorheffing (15 %) moeten betalen als hij meer dan 37.600  euro spaargeld heeft.
Bovendien gaan accijnzen op frisdranken en tabak weeral omhoog, voor 100 miljoen euro. Zo’n belastingen wegen altijd veel zwaarder voor lagere inkomens. 
Neen, een blij gevoel krijgt het ACV niet van deze begroting. Werkgevers worden opnieuw zeer goed bediend. Grote vermogens worden opnieuw ontzien. Gewone mensen zijn opnieuw de pineut. Ze krijgen meer onwerkbaar werk, een lager pensioen, hogere facturen. Het tomorrowland van gewone mensen ziet er opnieuw minder goed uit.
31 juli 2017: download dit persbericht  (pdf-bestand)
 

Contacteer de ACV pers- verantwoordelijke

Journalist? Fotograaf of redacteur?

Vragen? Meer info? Contacteer:
  • David Vanbellinghen
    02 246 34 82
    0477 37 88 17