Nieuw Vlaams systeem kinderbijslag gewikt en gewogen

Eind mei keurde de Vlaamse Regering de contouren voor een nieuwe Vlaamse kinderbijslag goed. De Vlaamse regering wil de kinderbijslag integreren in een zogenaamd groeipakket op maat van elk kind en elk gezin. Naast de kinderbijslag worden ook de bestaande school- en studietoelagen meegenomen in dit groeipakket. Het bestaat uit drie grote pijlers: een basisbijslag en een startbedrag, sociale toeslagen en participatietoeslagen. 

Eerste pijler: basisbedrag en startbedrag

  • Voor elk kind wordt een maandelijks basisbedrag van 160 euro voorzien.
  • Er wordt afgestapt van de bestaande rangtoeslagen die aan tweede, derde en volgende kinderen in een gezin een grotere bijslag toekennen.
  • Er wordt ook afgestapt van de leeftijdstoeslagen, een verhoging van de kinderbijslag op bepaalde leeftijden. 
  • Naast het basisbedrag ontvangt een gezin een eenmalig startbedrag van 1100 euro per kind. Dit startbedrag vervangt de huidige geboorte- en adoptiepremies.
Het basisbedrag van 160 euro is opvallend hoog. Het is positief dat kinderbijslag op die manier een brede, substantiële toelage blijft. Maar dit hoge bedrag heeft natuurlijk ook zijn keerzijde. Het slorpt maar liefst 84% van alle middelen op. Gevolg hiervan is dat er nog weinig middelen overblijven voor de sociale toeslagen. Andere vaststelling: ten opzichte van het huidige systeem verliezen grotere gezinnen aanzienlijk. 

De afschaffing van de leeftijdstoeslagen stuit op kritiek. Onderzoek toont duidelijk aan dat de kosten voor de opvoeding van kinderen duidelijk stijgen naarmate zij ouder worden. Het principe waarmee de Vlaamse Regering zo graag uitpakt dat elk kind gelijk is en dus een gelijke basisbijslag moet krijgen, gaat niet op. Over verschillende leeftijdsfases heen zijn kinderen en de kosten voor hun opvoeding wel degelijk anders.

Tweede pijler: sociale toeslagen

Sociale toeslagen zijn maatregelen die extra kinderbijslag voorziet voor kinderen met bijzondere zorgnoden, voor (half ) wezen, bij pleegzorg en voor gezinnen met een beperkt inkomen. Dat de toeslagen voor kinderen met bijzondere zorgnoden, voor (half ) wezen en bij pleegzorg behouden blijven in het groeipakket is positief. 

De sociale toeslagen voor gezinnen met een beperkt inkomen bieden veel meer stof tot discussie. In tegenstelling tot het huidige systeem zullen deze sociale toeslagen enkel nog toegekend worden op basis van het gezinsinkomen. Bovendien zullen er strenge inkomensgrenzen worden gehanteerd. Sociale toeslagen toekennen op basis van het gezinsinkomen, roept heel wat bedenkingen op. Zo is het niet altijd eenvoudig om het inkomen van een gezin correct in te schatten. 

Een belangrijke doelstelling van deze tweede pijler van het groeipakket, en meer specifiek van de sociale toeslagen aan gezinnen met een laag inkomen, is om de armoede in gezinnen met kinderen aan te pakken. De Vlaamse Regering beweert dat haar nieuwe systeem het armoederisico van gezinnen doet dalen van 10,3% naar 9,2%. Dit wordt echter betwist door armoededeskundigen als professor Bea Cantillon. Het armoederisico zou net stijgen voor gezinnen met vier kinderen en eenoudergezinnen, net de twee gezinstypes waar het armoederisico het hoogst ligt.  

Derde pijler: participatietoeslagen

  • Het gaat om toeslagen die tot doel hebben om de deelname aan de kinderopvang en het (kleuter)onderwijs te bevorderen. 
  • Een aantal van deze participatietoeslagen worden enkel toegekend aan gezinnen met een beperkt inkomen. 
  • Een ander deel is gereserveerd voor gezinnen die gebruik maken van niet-inkomensgerelateerde kinderopvang. 
  • Een derde deel  richt zich op alle gezinnen.
Met deze maatregel, wil de Vlaamse Regering de deelname aan het kleuteronderwijs stimuleren. Maar deze participatie ligt met 97% van alle kleuters die regelmatig participeren, al bijzonder hoog in Vlaanderen. De vraag is dus of je met een premie de ouders van deze laatste 3% kleuters zal overtuigen om hun kind(eren) naar de kleuterklas te sturen. Het budget van deze participatietoeslag kan beter geïnvesteerd worden. We denken bijvoorbeeld aan een combinatie van gezinsondersteunende diensten en een versterking van de selectieve participatietoeslagen.

Meer info?

Contacteer de ACV pers- verantwoordelijke

Journalist? Fotograaf of redacteur?

Vragen? Meer info? Contacteer:
  • David Vanbellinghen
    02 246 34 82
    0477 37 88 17